Zeilstanden

Om zo hard mogelijk vooruit te gaan, moet je de zeilen in de juiste stand hebben. Maar hoe bepaal je de juiste zeilstanden? Eigenlijk is dat niet zo heel moeilijk. Je moet je zeilen zover laten vieren dat zij net niet gaan tegenbollen. Je laat het zeil dus vieren totdat hij gaat tegenbollen en dan trek je hem ietsje aan zodat de tegenbolling net weg is.

De tegenbolling zie je aan de voorkant van je zeil (voorlijk). Zowel bij het grootzeil als bij de fok.

Hoe meer je naar de wind gaat, hoe strakker je zeilen moeten. Bij een aan de windse koers heb je het zeil helemaal aangetrokken. Bij een halve windse koers staat het zeil op ongeveer 45° uitgevierd. Bij een ruime windse koers staat het zeil om ongeveer op 70° uitgevierd. Bij de voor de windse koers is het zeil helemaal uitgevierd (90°)

zeilstanden

 

<<Terug Verder>>